Afstand

Beleg van 's Hertogenbosch

Na 1626 was de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden aan de winnende hand. Steeds meer steden en provincies werden veroverd op de Spaanse koning. Van het goud van de zilvervloot (Piet Hein) betaalde Prins Frederik Hendrik zijn soldaten. Prins Frederik Hendrik belegerde in 1629 de stad 's Hertogenbosch met een leger van tienduizend soldaten en nog meer arbeiders. In een paar weken groeven die loopgraven met een totale lengte van 40 kilometer en legden wallen en forten aan. Ook legden ze onderwatergelopen land droog met molens die aangedreven werden door paarden. De Prins had goede rekenaars, landmeters en opzichters in dienst. Die waren opgeleid door Frans van Schooten Senior en Frans van Schooten Junior aan de Duytse Mathematicque in Leiden. Van hen leerden ze alles over handelsrekenen, vestingbouw, meetkunde en over de Griekse wiskundige Euclides.

Vijandelijk bolwerk

Een soldaat stond met zijn kanon tegenover een vijandelijk bolwerk. Tussen hem en dat bolwerk stroomde een brede rivier. De soldaat wilde weten hoe groot de afstand is tussen hem en dat bolwerk. Naar de overkant zwemmen was geen goed idee.
Gelukkig waren er landmeters die bij Frans van Schooten Senior en Junior geleerd hebben hoe dit probleem op te lossen. Ze zetten een paar landmeterstokken in de grond, bepaalden de kijklijnen en beweerden dat ze zo de afstand tot het kanon konden bepalen.

Lees de opdracht