Nu koop je liters wijn en betaal je in euro's, maar in de zeventiende eeuw betaalde je in guldens en stuivers, en kocht je wijn per stoop of per ocxhooft.

Een wijnverkoper heeft twee soorten wijn. De ene wijn kost 8 stuivers per stoop en de ander 14 stuivers per stoop. De wijnverkoper gaat de twee soorten wijn mengen in één vat zodat één ocxhooft 35 gulden waard is.

Hoeveel stoop van de ene soort en hoeveel stoop van de andere soort moet de wijnverkoper mengen?


Een gulden is twintig stuivers waard.
Een ocxhooft en een stoop zijn oude inhoudsmaten voor wijn.
Een ocxhooft is een vat van 200 liter.
Een stoop is circa 2,5 liter.
Er gaan dus 80 stopen in één ocxhooft.

Iedere stad en streek gebruikte dezelfde namen voor inhoudsmaten maar met een andere inhoud. In het boek Beknopte Wynroey-konst van Johannes van der Boodt, schoolmeester en mathematicus tot Zierikzee, uitgegeven in 1717 in Amsterdam door Joannes Loots, boekverkooper en graadboogmaker in de Nieuwe Brugsteeg, in de Jonge Lootsman staat op bladzijde 44 en 45 een overzicht met de lokale inhoudsmaten. Dit boek is te vinden op GoogleBooks. GoogleBooks

Frans van Schooten gebruikte 80 stopen in een ocxhooft.

Meer informatie is te vinden bij het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis in het VOC-glossarium, een verklaringen van termen, verzameld uit de rijks geschiedkundige publicatiën die betrekking hebben op de verenigde oost-indische compagnie. VOC-glossarium