dozy+cdio+cdex+fozy+efkoefoxhozy+ghloghox
zz

soo sal oversulcx de vergelijcking zijn
my+bnyabnx dozy+cdio+cdex+fozy+efkoefoxhozy+ghloghox
zzzzz
Dat is / vermenichvuldigende aen weder-syden met zz, en de vergelijcking in sijn behoorlicke form stellende:
y
 
 
 

 
 
 
+
+
+
 
cdio
efko
ghlo
 
+
+

abnx
cdox
efox
ghox
   
mzz + bnz − dox − fox + hox
Te weeten / soo men stelt dat
mz + bn + ho
grooter is dan
do + fo
; alsoo men andersins / als
mz+bn+ho
kleender waer dan
do + fo
, al de teeckens + en − soude moeten veranderen. Item / soo het gheviel / dat y nul waer / ofte minder als nul / naer datmen 't punt C genomen heeft binnen den hoeck DAE te vallen / so soumen 't mede nemen moeten binnen den hoeck DAG, GAR, of RAE te vallen / daer toe veranderende de teeckens + en − / naer vereysch des saecks. Ende in ghevalle in die vier nemingen y gevonden wierde nul te doen / soo soude 't selve bewijsen / dattet Werck-stuck in soodanigen eysch onmogelijck is te volbrengen. Maer genomen zijnde 't selve mogelijck te wesen / soo laet ons om kortheyt voor
cdio + efko + ghlo
mzz + bnz − doz − foz + hoz
schrijven p, en voor
abn + cdo − efo − gho
mzz + bnz − doz − foz + hoz
schrijven
q
r
: ende wy sullen also hebben
yp+ of −qx
r
. te weeten
yp+qx
r
, als abn + cdo meerder is dan efo + gho; maer
ypqx
r
, als abn + cdo minder is dan efo + gho.

Aengesien san alle 't geene / wat in't Werck-stuck was besproocken / naer gekomen is; ende niets meer voorhanden en is / daer uyt men een vergelijcking / om x te bbekomen / vinden kan: soo staet het mede vry / d'onbekende grootheyt x soo groot of kleen te nemen / als men begeert. Sulcx dat men daer uyt ontallicke punten / als C, die 't begeerde voldoen / vinden kan.


   Waerom genomen hebbende AB naer believen / so salmen BP gelijck nemen aen p, en die stellen van B naer C toe / alsoder staet +p; die men andersins / soder −p stont / naer N toe meeten most; ende geensins en behoefde te trecken / so p waer nul geweest. Daer na treckende uyt P de liny PQ even-wydig en gelijck met AB, soo hael ick QC, sulcx dat QP tot PC zy / gelijck r tot q; dat is / als QP is x, dat dan PC zy
qx
r
. maeckende / dattet

punt