- Een rechte linie te deelen,
gelijckformich met een gegeven gedeelde
linie.
- Nevens twe rechte linien een derde
proportionael linie te vinden.
- Nevens drie rechte linien een vierde
proportionael linie te vinden.
- Tusschen twee rechte linien de
middelproportionael linie te vinden.
- Van de ghelijcke parallelogrammen,
met een gelijcken houck, zijn
de sijden om de selve in wederkeerige
reden: ende welcke parallelogrammen
eenen ghelijcken houck
hebben, ende de sijden om de selve
in wederkeerighe reden zijn, zijn
gelijck.
- In de gelijcke triangulen, met
eenen gelijcken houck, zijn de sijden
om de selve in wederkeerige reden:
ende de triangulen welcke eenen
ghelijcken houck hebben, ende de
sijden om de selve in wederkeerige
reden zijn, zijn gelijck.
16.So