- Als op de helft eener linie, een
parallelogram ghemaeckt wert, ende
een ander op een stuck, also, dat het
parallelogram op 't resterende stuck
gemaeckt, het eerste gelijckformich
is, ende gelijckformich met desselven
diameter gestelt, dan sal het
parallelogram op de halve linie,
grooter zijn, als op't eerste stuck.
- Op een rechte linie een parallelogram
te vougen, gelijck een gegeven
rechtlinische figuer, welcke
tot vervulling der linie mach
ontbreecken een parallelogram, welcke
een gegeven gelijckformich is,
doch dat de gegeven rechtlinische
figuer niet grooter zy als't
parallelogram, welcke op de halve linie
ghestelt, het gegevene ghelijckformich
is.
- Op een rechte linie een parallelogram
te voughen, gelijck een gegeven
rechtlinische figuer, also dat
van't selve een stuck buyten come,
gelijckformich met een ander
gegeven parallelogram.
30.Een