1. Een recht linie na de wterste en middelreden, te deelen.

    Dese operatie is gedaen in de 11. des 2. boucks.

  2. In de rechthouckige triangulen, is de figuer der sijde over den rechten houck, gelijck beyde sodanige gelijckformighe figueren op elcks der ander sijden.

SE-

58 Soo een rechthouEK begrepen is van een rationale linie ende een vierde Binomium de linie VCrn Oghende den selven rechthouck is linea major 39 Soo een rechthouck begrepen is Van een rationale linie en een vijfde binomium de linie vermoghende deselven rechthouck is irrationael linie Verdoghende een rationaal ende een medial 6o Soo een rechthouck begoepen is Van een rationale linie ende een seste Binomium de linie vermoghende den selven rechthouck is linie vermogende twe media en Tijuadraet van een Binomium ghevoucht op een Rationale linie maeckt d ander zijde eerste Bino mium 6 guadraet van een eerste Bimedial ghevoucht QP een rationale li nie maeckt d anderzijde twede Binomium 3 Tquadract van een twede medial 2 G 2 ghet TT TIEN DE Bovck Hos