1. Een recht linie na de wterste en middelreden, te deelen.

    Dese operatie is gedaen in de 11. des 2. boucks.

  2. In de rechthouckige triangulen, is de figuer der sijde over den rechten houck, gelijck beyde sodanige gelijckformighe figueren op elcks der ander sijden.

SE-

de linie die de rest vermach is A potome ofte linea minor 1 1o Soo van een mediale supérficie ghesneden is een rationale superficie de linie vermoghende de reste is mediae apotome prima ofte linie maeckende met een rationale superficie een gheheel medial 1 11 Soo van een mediale superficie ghesneden is een mediale incommenssuperficie tot de gantsche de linie vermoghende de rest is of mediae apdsome secunda ofiniemaeckende met een mediale superficie een gheheel medial 1 12 De linie ghenaemt Apotome en is niet deselve alst Binomium 1 13 Tquadraet eener rationale linie gevoucht op een Binomium maeckt d ander zijde Apotome welcker namen proportionael zijn en meetbaer tot de namen vant Binomium daer boven de apotome is vande selve ordre als het Binomium 1 14 Tquadraet eener rationale ghevoucht op een apotome maeckt d ander zijde iBinomium welckets nament fi is TIEN DE Bovc K